 |
China lijkt te slagen in het afremmen van zijn economie, maar betekent dat voor beleggers dat er ook minder kansen in het land te bespeuren zijn? Allerminst, zegt managing director Michel Alofs van DWS Investments Nederland. ‘De fundamentals op de lange termijn zijn nog steeds goed.’
In het derde kwartaal groeide het bruto binnenlands product van China met 9,1 procent. Nog steeds hoog, maar het minst hoge groeicijfer in meer dan een jaar. De Chinese autoriteiten hebben de kredietverstrekking aan banden gelegd en beperkende maatregelen genomen die investeringen in oververhitte sectoren zoals het vastgoed, de staalbranche en de auto-industrie moeten voorkomen. Alofs: ‘Op zich is het begrijpelijk dat de Chinese regering dit doet. Te snelle groei kan als een ongeleid projectiel allemaal nare bijeffecten vertonen. China moet de groei wel in goede banen leiden en bij oververhitting afremmen.’ Op korte termijn kunnen dit soort maatregelen in nog niet sterk ontwikkelde financiële markten voor schokken in het beleggingsresultaat zorgen. Tijdens dit proces zijn grote beleggingsuitslagen te verwachten, in de plus, maar ook in de min. Alofs raadt aan voorbij die korte termijn te kijken. ‘China en de gehele Aziatische regio blijven onverminderd een thema voor de komende tien tot twintig jaar. Dat verandert niet door maatregelen die de groei tijdelijk moeten afremmen. Voor de lange termijn blijft China en met haar een groot deel van de Aziatische regio één van de meest veelbelovende beleggingsthema’s.’
Rol Alofs brengt daarbij drie onderwerpen naar voren. Allereerst de rol die China in de wereldeconomie voor zich opeist. In 2050 is China volgens Goldman Sachs de grootste economie van de wereld, gevolgd door de Verenigde Staten en verrassend genoeg India. Tegen die tijd zullen Chinese bedrijven dan ook hoger worden gewaardeerd dan dat ze nu zijn en zal de Chinese markt een belangrijk gedeelte van de wereldaandelenmarkt vormen. Ook functioneren dan de financiële markten daar beter, zo is de verwachting. Die werking is nu nog ronduit slecht te noemen. Daarnaast is China nog steeds een lage lonen land. Veel productie wordt nu vanuit de Westerse wereld overgeheveld naar China omdat het daar goedkoper is om te produceren. Tegelijkertijd met die overheveling vindt er een ‘wealth transfer’ - zoals Alofs het noemt – plaats. De middenklasse van de 1,3 miljard Chinezen krijgt meer te spenderen en doet dat dan ook in allerijl. Zo groeit voor China tegelijkertijd de binnenlandse en de buitenlandse afzetmarkt.
Waar eerder beleggers nog moesten kiezen voor een Azië-fonds waar ook landen als Taiwan en Hongkong in voorkwamen, hoeft dat nu allang niet meer. Nu kan er goed worden belegd in een puur China-landenfonds. DWS Investments beheert DWS China, een aandelenfonds dat vooral belegt in bedrijven gevestigd in China en daarmee direct inspeelt op de ontwikkelingen op het Chinese vasteland. Ondernemingen daar zijn veelal nog lager gewaardeerd dan in andere meer ontwikkelde aandelenmarkten en profiteren van eerdergenoemde trends. Om dat soort bedrijven te spotten heeft DWS met behulp van het wereldwijde netwerk van Deutsche Bank teams en beleggingsexperts in China. De verwachting van die teams is dat de Chinese regering het proces naar economische en ongetwijfeld hiermee ook politieke veranderingen wil begeleiden en zelf wil aansturen. ‘Dat gaat ongetwijfeld met grote schokken gepaard, maar uiteindelijk doet dit niets af aan de duidelijke trend voor de lange termijn: China wordt een wereldspeler van formaat.’
Bekijk DWS China
|